Faciliteer innovatie naar Zweeds voorbeeld

De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid gaat in haar onlangs verschenen rapport ‘Naar een lerende economie’ in op de institutionele inbedding van innovatie. Als Nederland de stap naar de nieuwe economie wil maken, dan moet een optimale circulatie van kennis en vaardigheden op gang worden gebracht en moeten relatienetwerken op uitwisseling en langetermijnverbindingen worden ingericht, aldus de WRR. Dit advies verdient steun, omdat innovatie steeds vaker samenwerking vereist. Afdelingen R&D zijn niet langer leidend bij het ontwikkelen van nieuwe producten en diensten. Innovaties worden meer en meer gebaseerd op combinaties van al bestaande toepassingen, waarvan het eigendom bij verschillende partijen ligt. Bedrijven die willen innoveren zijn in toenemende mate gedwongen hun organisatie open te stellen voor samenwerking met anderen en kennis met hen te delen, zogeheten open innovatie. Veel organisaties ontbreekt het echter aan de capaciteit om in open innovatieprojecten te participeren, onder meer doordat ze gewend zijn om nieuw verworven kennis af te schermen. Veelbelovende innovaties komen hierdoor niet of onvoldoende van de grond. Behalve samenwerking tussen bedrijven vereist innovatie ook interactie met kennisinstellingen, zoals universiteiten en overheden. De huidige institutionele omgeving schiet tekort in het stimuleren van de wisselwerking in deze ‘gouden driehoek’. Er is geen instantie die een langjarige strategie ontwikkelt in samenspraak met marktpartijen en kennisinstellingen en daar ook dynamiek in aanbrengt. TNO vervulde eens de functie van innovatieaanjager en verbinder, maar daarvan is allang geen sprake meer. Innovatiecentrum Syntens, Agentschap NL en de regionale ontwikkelingsmaatschappijen vervullen evenmin een schakelfunctie tussen innovatieve spelers. Ze staan te ver van de ondernemerspraktijk af en zijn niet in staat de juiste vraagsturing te bevorderen. Verschillende landen in Scandinavië kennen een institutionele structuur die ook in Nederland vruchten zou afwerpen. Zo heeft Zweden sinds 2001 Vinnova, een instelling die strategische en langdurige netwerken tot stand brengt met het doel fundamenteel onderzoek op een hoger plan te brengen, menselijk kapitaal te ontwikkelen, open innovatie te bevorderen en — uiteraard — innovaties te realiseren. Academische onderzoeksgroepen, industriële R&D en actoren uit de publieke sector werken in bijna dertig consortia samen, geconcentreerd rondom acht universiteiten. In Noorwegen en Finland vindt op eenzelfde manier sturing op concrete samenwerking plaats. De ontwikkeling van langetermijnstrategieën gebeurt in overleg met de betrokken bedrijven, sectoren en kennisinstellingen. Nederland is niet gebaat bij een institutionele structuur op hoog niveau waarin een groot aantal partijen inbreng levert en de overheid een sterke rol heeft. Het is ook niet verstandig om meer verantwoordelijkheid te leggen bij de regionale ontwikkelingsmaatschappijen, die algemene economische doelen nastreven en niet specifiek op innovatie gericht zijn. Wat Nederland nodig heeft, zijn samenwerkingscentra die onder een overkoepelende instelling als Vinnova innovatieve activiteiten ontplooien, ongeacht de mate van wetenschappelijke sturing. De meeste innovatie bestaat immers niet uit exploratie, maar uit exploitatie. De samenwerkingscentra moeten laagdrempelig zijn, zodat vraagsturing zo veel mogelijk vanuit de samenleving kan plaatsvinden. Op die manier wordt de juiste externe gerichtheid onder betrokken organisaties bevorderd en kan ingespeeld worden op de trend dat de behoeften en verlangens van gebruikers steeds dominanter worden in innovatie (‘user led innovation’). Organisaties die in samenwerkingscentra participeren, komen automatisch tot een uitwisseling van kennis en expertise en zullen druk voelen om de kennis en vaardigheden van hun medewerkers op te schroeven. Er zal een cultuur van open samenwerking ontstaan en de interesse in innovatie zal toenemen.

Bron: FD van woensdag 27 november 2013. Ing. Hans Arnold en dr. Edwin van Rooyen zijn zelfstandig ondernemer.

Advertenties

Over aadvredenbregt

zie de pagina About
Dit bericht werd geplaatst in Economie, Industrie en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.